Klik om de afbeelding te vergrotenHet levenslicht gezien in  Willebroek op 30/10/1952. Nu wonend, werkend en genietend in Oostende op een boogscheut van de zee.

Het begin

De tekenkriebels had ik al tijdens mijn kinderjaren, maar echt schilderen doe ik opnieuw sinds 2004 met de volle goesting. Ik weet nog steeds niet of ik beter kan tekenen dan iemand anders, maar ik voorvoel dat ik iets met beelden heb. Het gebeurt gewoon. Meermaals heb ik geprobeerd mijn draai te vinden in het tekenen en schilderen, maar ik was absoluut nooit tevreden over wat ik ervan terecht bracht. Dat heeft zowel met twijfel aan het werk zelf als met existentiële twijfel te maken, en met het chaotisch denken dat daaruit voortvloeit.

Autodidact

Laat ons zeggen dat ik voor 90% autodidact ben. De lessen op de Academie voor Beeldende Kunsten te Mechelen gaven me niet echt de voldoening die ik verwachtte. Nochtans, geen slecht woord over de mensen die me begeleidden Tony Blickx (tekenen), Bob Van Gestel (tekenen), Frans Van Den Brande (beeldhouwen) en Lieve Cools (portretschilderen)

En voor de toenmalige directeur en kunstenaar heb ik een speciale plaats in mijn leven, omdat hij me biezonder aanspreekt als mens als via zijn werk " de Mechelse beeldhouwer Frans Walravens". Hij  steunt me, en geeft me mee  "Gewoon verder doen in je eigen stijl " .

Passie

Ik beschouw schilderen als een absolute passie: wanneer ik schilder, vergeet ik tijd en ruimte. Ik heb het liefst, dat ik niet weet hoe een werk zal "eindigen". Schilderen is als een avontuurlijke reis, daar intens mee bezig zijn heeft iets verslavends.

In een uur kunnen de basiselementen op doek staan, maar de aanloop naar het werk kan zeer traag gaan. Ik neem de tijd om een goed beeld te selecteren, en dan heb ik weer tijd nodig om daar afstand van te nemen. Als ik een werk maak, moet het herkenbaar zijn met anekdotische elementen, met een gebrek aan scherpte maar met een sterk kleurtemperatuur.

Er zijn mensen die mijn werk appreciëren omdat het leuk is, al is de techniek soms onbeholpen, de personages zijn toch prachtig en innemend en hebben vaak weinig individuele trekken. De personages spelen gewoon hun rol, ze zijn allemaal inwisselbaar.

Inspiratie

Mijn inspiratiebron zijn dan ook "Mensen" ,... madammekes en meneerkes. Mensen rond me heen. Ik gebruik privé materiaal dat ik dan subtiel onherkenbaar maak. Een gebaar of houding is belangrijk, de herkenbaarheid van de figuren leidt af.

Mijn figuren kijken meestal weg van hun publiek, kijken ze naar de toeschouwer dan worden het individuen. Ik maak warm geschilderde doeken met subtiele tegenstellingen.

Enerzijds zijn er de portretten in zwart - wit met een kleurtoets,  anderzijds mijn madammekes en meneerkes die eveneens reële personen zijn, maar die ik dan subtiel onherkenbaar maak.

We worden overstelpt en overdonderd door beelden die lawaai lijken te maken, en precies daardoor is er behoefte aan beelden die niet in de constante beeldenstroom passen. De maatschappij is vooral onverschillig, dus wil je de illusie koesteren dat je iets speciaals doet.

Een schilderij is niet alleen een beeld, het is ook een object, dat zullen we voortdurend beseffen. Er naar kijken is altijd een ervaring in het nu, een eigentijdse beleving. Een schilderij moet genietbaar zijn: je moet de toeschouwer met het beeld raken, ernaar kijken moet een genoegen zijn, wat het voor de rest ook mag voorstellen.

Antwoorden

Waar wil ik nog tentoonstellen? Overal waar ik mensen met mijn schilderijen kan raken.

Wat zijn mijn toekomstplannen? Verder schilderen en genieten van "Momenten".

 


Website created with Lauyan TOWebLast update: zondag 7 maart 2010